U bent het niet eens met het schadebedrag, u schakelt een eigen expert in, en dan komt de brief: “wij vergoeden de kosten van uw expert tot maximaal de kosten van onze expert”. Veel mensen leggen zich daar bij neer. Dat hoeft in de meeste gevallen niet.

Wat er in de polisvoorwaarden staat

Deze formuleringen komt u het vaakst tegen:

De cap met een ventiel. “De kosten van de expert van verzekerde tot en met de kosten van onze expert. Rekent die expert meer? Dan bepalen wij of de extra kosten redelijk zijn.” Dit is de meest gebruikte variant. Er staat een grens, maar er zit een opening in: het meerdere wordt vergoed voor zover het redelijk is.

De harde cap. “Wij vergoeden de kosten van de deskundige die u heeft gekozen tot maximaal de hoogte van de kosten van de deskundige die wij hebben ingeschakeld.” Zonder enige opening voor het meerdere.

De resultaatsvoorwaarde. Vooral in oudere voorwaarden: “u kunt, op eigen kosten, zelf een expert inschakelen. Krijgt u achteraf volledig gelijk? Dan betalen wij ook uw expertisekosten.” Met andere woorden: u betaalt zelf, tenzij u wint.

De kwaliteitseis. “Alle experts zijn ingeschreven in het register van het NIVRE. Voldoet een expert niet aan deze eisen? Dan zijn de kosten van die expert niet verzekerd.”

Wat de Hoge Raad daarvan vindt

Op 28 januari 2022 (ECLI:NL:HR:2022:81) heeft de Hoge Raad drie dingen beslist die deze bedingen grotendeels onderuit halen, in elk geval tegenover consumenten.

Een beperking mag niet verder gaan dan de redelijkheidstoets. De Hoge Raad overwoog letterlijk dat een beperking van de mogelijkheid van de verzekerde om voor rekening van de verzekeraar een eigen expert in te schakelen “in strijd is met artikel 7:959 lid 1 BW indien die beperking verder gaat dan uit de dubbele redelijkheidstoets volgt”. Een harde bovengrens op het niveau van de eigen expert van de verzekeraar doet precies dat.

Vergoeding hangt niet af van de vraag of u gelijk krijgt. De Hoge Raad verwierp uitdrukkelijk de opvatting dat de kosten van contra-expertise alleen vergoed hoeven te worden als achteraf blijkt dat de verzekeraar de schade te laag heeft vastgesteld. Krijgt u dat te horen, dan is dat onjuist.

Kwaliteitseisen zoals een NIVRE-inschrijving mogen niet doorslaggevend zijn. Ook niet als de verzekeraar zegt dat zo’n eis in uw belang is. U kiest zelf uw expert, mits die naar objectieve maatstaven in staat is een deskundig advies uit te brengen.

Wat er wel geldt is de dubbele redelijkheidstoets: het moet redelijk zijn geweest om een expert in te schakelen (bij een geschil over de schadeomvang is dat in het algemeen zo, juist vanwege de belangentegenstelling met de verzekeraar), en de omvang van de kosten moet redelijk zijn. Een goede expert specificeert daarom precies welke werkzaamheden hij heeft verricht en waarom die nodig waren om de schade vast te stellen.

Wat de grote verzekeraars er zelf van maken

Wij hebben in juli 2026 de actuele autopolisvoorwaarden van achttien verzekeraars doorgelezen. Dit is wat er letterlijk staat over de kosten van uw eigen expert. Let op: polisvoorwaarden wijzigen, en er is bijna altijd een particuliere en een zakelijke variant. Bepalend is de versie die gold op uw schadedatum, dus lees altijd uw eigen polisblad na.

Een cap met een redelijkheidsopening (de meest voorkomende variant) staat bij Centraal Beheer, Interpolis, FBTO, Avero Achmea, OHRA, Univé, Klaverblad en InShared. Bijvoorbeeld Univé: “De kosten van uw expert betalen wij ook, tot maximaal de kosten van onze eigen expert. Zijn de kosten van uw expert hoger? Dan betalen wij deze hogere kosten alleen als ze redelijk zijn.”

Geen cap, alleen een redelijkheidstoets hanteren Nationale-Nederlanden, a.s.r., Allianz Direct, Unigarant en ANWB. Nationale-Nederlanden verwijst in de particuliere voorwaarden zelfs uitdrukkelijk naar de wet: “Wij vergoeden deze kosten vervolgens aan je voor zover deze redelijk zijn. Dit staat in artikel 7:959 van het Burgerlijk Wetboek.”

Een harde cap zonder opening staat bij Ditzo (a.s.r. “Ik kies zelf”): “Het salaris en de kosten van de deskundige die jij hebt gekozen, vergoeden wij tot maximaal de hoogte van de kosten van de deskundige die wij ingeschakeld hebben.” Tegenover een consument gaat dat verder dan de dubbele redelijkheidstoets toelaat.

Vergoeding alleen als u gelijk krijgt staat in de oudere Aegon-voorwaarden (nr. 1413): “Bent u het niet eens met de schadevaststelling? Dan kunt u, op eigen kosten, ook zelf een expert inschakelen. (…) Krijgt u achteraf volledig gelijk van de derde expert? Dan betalen wij ook de door u gemaakte expertisekosten.” Dat is precies de opvatting die de Hoge Raad heeft verworpen.

Voorbeeldig geregeld is het bij volmachtbedrijf Turien & Co, dat de rechtspraak netjes heeft verwerkt: “De kosten van de contra-expert worden door ons vergoed als is voldaan aan de dubbele redelijkheidstoets (…) De kosten van de contra-expert worden altijd vergoed als is voldaan aan de kwaliteitseisen die het NIVRE stelt (…) maar in alle andere gevallen wordt de dubbele redelijkheidstoets toegepast.”

Zakelijk is het beeld strenger. De zakelijke autoverzekering van Centraal Beheer en de BedrijfActiefPolis van Avero Achmea kennen een harde kap zonder redelijkheidsventiel (“Rekent de expert van verzekerde meer? Dan blijven die extra kosten voor rekening van verzekerde”), en Avero stelt daarbovenop een NIVRE-eis met de sanctie dat de kosten van een expert die daar niet aan voldoet “niet verzekerd” zijn.

De belangrijke uitzondering: staat de auto op de zaak?

Deze bescherming geldt alleen voor consumenten. Artikel 7:963 lid 6 BW maakt artikel 7:959 lid 1 BW namelijk alleen dwingend als de verzekeringnemer “een natuurlijk persoon is die de verzekering anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf heeft gesloten”.

Staat de auto op een bedrijf, een eenmanszaak of een wagenpark, dan is de wettelijke regeling regelend recht en zijn de polisvoorwaarden leidend. Een aftoppingsbeding is dan in beginsel gewoon geldig, en een NIVRE-eis ook. Zakelijke polissen zijn op dit punt vaak strenger dan particuliere: waar de particuliere polis nog een redelijkheidsventiel houdt, kent de zakelijke variant regelmatig een harde kap.

Kansloos is een zakelijk dossier daarmee niet. Zwijgt de polis over expertisekosten, dan geldt de wettelijke regeling gewoon. En een beroep op een beperkend beding kan onder omstandigheden onaanvaardbaar zijn naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid (artikel 6:248 lid 2 BW). Maar het is maatwerk, en u wilt het weten voordat u kosten maakt, niet erna.

Wat u concreet doet

Vraag de verzekeraar schriftelijk om de wettelijke grondslag van zijn standpunt. Verwijs daarbij naar artikel 7:959 lid 1 BW en naar het arrest van 28 januari 2022. Laat uw expert zijn declaratie per post specificeren, zodat de dubbele redelijkheidstoets aantoonbaar is doorstaan. En stuur bij twijfel uw polisvoorwaarden mee als u uw dossier bij ons uploadt: wij lezen ze na en zeggen u eerlijk of het beding u in de weg zit of niet.